Borg voor infrastructuur op gemeentelijke eigendom

Gemeentelijk reglement inzake gemeentelijke borg voor infrastructuur op gemeentelijke eigendom (goedgekeurd op de gemeenteraad van 26 september 2016). 

Voorwaarden waaraan het project moet beantwoorden

Artikel 1

Een Haachtse vereniging (vzw) kan een aanvraag indienen bij de gemeente om borg te staan voor een lening, rechtstreeks aangegaan door de vereniging (vzw) bij een financiële instelling, gebruikt voor:

  • de uitbreiding of vernieuwing van infrastructuur, die gelegen is of zal zijn op gemeentelijke eigendom en waarvoor een recht van gebruik en recht van opstal werd overeengekomen;
  • de verwerving van eigen terreinen en aanhorigheden.

Artikel 2 

De borgstelling kan enkel worden toegestaan in het voordeel van de door de gemeente erkende verenigingen, die minstens gedurende 5 jaar actief zijn op het grondgebied van de gemeente. De vereniging dient hiervan het bewijs te leveren.

Artikel 3

De vereniging moet een vereniging zonder winstoogmerk zijn in de zin van de wet van 27 juni 1921 op het tijdstip van de aanvraag en voldoen aan al haar sociale, fiscale en financiële verplichtingen.

Modaliteiten van de borgstelling

Artikel 4

De gemeente kan zich in het voordeel van een erkende vereniging borg stellen voor een maximaal ontleend bedrag van 800.000 euro. Indien meerdere verenigingen een beroep willen doen op de gemeentelijke borgstelling, geldt als bovengrens dat het totaalbedrag van de leningen waarvoor de gemeente zich borg stelt 2.500.000 euro niet mag overschrijden.

Artikel 5

De gemeentelijke waarborg kan nooit meer bedragen dan 80% van de geplande investeringen.

Artikel 6

De beperkingen opgesomd in de artikelen 4 en 5 worden cumulatief toegepast.

Artikel 7

Voor elke borgstelling wordt een overeenkomst tussen de vereniging en de gemeente opgemaakt, waarin:

  • Het bedrag van de borgstelling expliciet gestipuleerd wordt;
  • De einddatum van de borgstelling expliciet gestipuleerd wordt;
  • De borgstelling afneemt naarmate de bedragen afgelost worden door de vereniging (zodat er niet zonder meer kan bijgeleend worden i.f.v. andere projecten).

Voorwaarden en gebruik van infrastructuurinvestering

Artikel 8

De te realiseren of te verwerven infrastructuur moet een duurzame investering zijn die ten goede komt aan de inwoners van de gemeente Haacht en dient een meerwaarde te betekenen voor het aanbod inzake infrastructuur in de gemeente. De gemeente bepaalt of het project een meerwaarde betekent in die zin.

Artikel 9 

De gemeente bepaalt in overleg met de betrokken vereniging wanneer en onder welke voorwaarden de infrastructuur kan worden gebruikt door de gemeente.

Verbintenissen in hoofde van de vereniging

Artikel 10

De vereniging verbindt er zich toe in voorkomend geval de infrastructuur te realiseren in overeenstemming met het aan de gemeente voorgelegde plan en lastenboek. De vereniging dient voorafgaandelijk te beschikken over de nodige vergunningen.

Artikel 11 

De vereniging verbindt er zich toe de infrastructuur als een goede huisvader te onderhouden en te beheren. Ze draagt zorg voor de continuïteit in de exploitatie.

Artikel 12

De vereniging verbindt er zich toe de infrastructuur voor de volle nieuwbouwwaarde te verzekeren tegen brand, schade aan naburen, stormschade, sneeuwdrukschade en andere gebruikelijke risico’s en dit bij een in België erkende verzekeringsmaatschappij. De vereniging bezorgt op eigen initiatief onverwijld en jaarlijks een kopie van de verzekeringspolis en het bewijs van betaling van de premie aan de gemeente.

Artikel 13 

Op de grond waarop infrastructuur wordt gebouwd, noch op de infrastructuur zelf kan door de vereniging een hypotheek worden gevestigd in het voordeel van een andere schuldeiser dan de gemeente, tenzij de gemeente hiermee instemt.

Artikel 14

Het is de vereniging niet toegelaten, zonder voorafgaand akkoord van het college van burgemeester en schepenen, de opgerichte infrastructuur af te breken of te verbouwen.

Artikel 15 

De vereniging verbindt er zich toe de afgevaardigden van de gemeente toe te laten de infrastructuur te bezoeken gedurende de ganse duur van de borgstelling.

Artikel 16 

De vereniging informeert het college van burgemeester en schepenen over elke betaling van een vervallen schijf en bezorgt hiervan de nodige bewijsstukken. Een eventuele overschrijding van de vervaldag wordt eveneens meegedeeld aan het college. Het college heeft het recht om één of meerdere afgevaardigden aan te stellen die kennis kunnen nemen van elk stuk dat betrekking heeft op de boekhouding van de vereniging.

Artikel 17 

De gemeente heeft zowel tijdens de aanvraagperiode als gedurende de looptijd van de borgstelling recht op informatie en financiële controle over de begroting en de rekeningen van de vereniging. De vereniging zal hiertoe jaarlijks de begroting van het lopende jaar, nadat ze is goedgekeurd door de VZW, onverwijld aan de gemeente overmaken samen met de rekening van het afgelopen jaar. De begroting, de rekening en de erop betrekking hebbende stukken dienen ondertekend te zijn door twee leden van de raad van bestuur van de VZW, die gemachtigd zijn om de vereniging te verbinden.

Vergoeding voor de borgstelling

Artikel 18 

De vereniging verbindt zich ertoe jaarlijks voor 31 december  aan de gemeente een vergoeding te betalen voor het stellen van de borg ten belope van 20 basispunten op het openstaand bedrag per jaar. Voor de berekening van deze vergoeding wordt het openstaand bedrag op 30 juni als basis genomen.

Aanvraag tot het bekomen van de gemeentelijke borgstelling – procedure

Artikel 19

Elke aanvraag in het kader van dit reglement dient schriftelijk en gemotiveerd ingediend te worden bij het college van burgemeester en schepenen. Hij bevat minstens de volgende stukken: 

  • Een afschrift van de laatste versie van de statuten van de vereniging. Het afschrift is een kopie uit de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad of vermeldt ten minste de datum waarop de statuten en hun eventuele wijzigingen in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad zijn verschenen;
  • De meest recente samenstelling van het bestuur van de vereniging;
  • Een verklaring op eer, ondertekend door twee bestuurders van de vereniging, waaruit blijkt dat de vereniging volledige kennis heeft van de bepalingen van het reglement inzake gemeentelijke borgstelling voor infrastructuurwerken door Haachtse verenigingen d.d. 26 september 2016.
  • De balans en de resultatenrekening van de vereniging van de laatste drie boekjaren en de begroting van het boekjaar waarin de aanvraag tot het bekomen van de gemeentelijke borgstelling wordt gedaan;
  • Een beslissing van het bevoegde orgaan van de vereniging waaruit blijkt dat de vereniging zich ertoe verbindt het project te realiseren;
  • Een uitgebreide voorstelling van het project, met een toelichting van de meerwaarde van de te realiseren of te verwerven infrastructuur voor het aanbod inzake infrastructuur in de gemeente;
  • Een financieel plan met o.a. het financieringsplan voor de totale kosten van het project, een business plan, een ontwerp van leningsovereenkomst met een financiële instelling en de aflossingstabel van de lening;
  • De bouwplannen en het lastenboek – bestek en gedetailleerde raming van de investeringen.
  • Een voorstel m.b.t. de invulling en het gebruik van de infrastructuur;
  • Een opgave van gevraagde of bekomen subsidies;
  • Indien nodig, kopies van of verwijzingen naar de afgeleverde vergunningen.
  • Een schriftelijke bevestiging van de leningsvoorwaarden in geval van gemeentelijke borgstelling en zonder toepassing daarvan door de financiële instelling en, in voorkomend geval, een kopie van de beslissing van de financiële instelling over de kredietaanvraag.

Artikel 20

Het college van burgemeester en schepenen beslist over de volledigheid van de aanvraag.

Artikel 21 

Het college van burgemeester en schepenen beslist over de toekenning van de borgstelling en over de modaliteiten ervan. Na goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen worden de burgemeester en de gemeentesecretaris belast met de ondertekening van de akte.

Artikel 22 

Alle kosten die verband houden met de borgstelling, de aangegane lening en de te verlenen hypotheek zijn ten laste van de vereniging. De borgstelling wordt verleend na ondertekening van de akte.